Da’t weer druk was afgelopen weekend. Een aangename drukte, dat wel, maar druk is druk (zei de kip en ze legde nog een ei). De dagen waren gevuld met gras afrijden, rolluiken wassen en andere totaal onzinnige taken die met een eigen dak gepaard gaan [waardoor de lust om er binnen afzienbare tijd in te trekken er niet meteen groter op wordt]; de avonden zaten bomvol uitgaansmanifestaties.
Ofwel ben ik heel recentelijk plotseling een ronduit aangename, aantrekkelijke en begerenswaardige vrijgezel geworden, ofwel – het meest waarschijnlijk – vinden collega’s en leveranciers dat ik dringend eens onder de mensen moet komen en vroegen ze mij mee uit uit medelijden. Sociale geplogendheden onder een VIP-label dus (lees : er werd al eens een stuk vers voer in ons strot geramd).
Vrijdagavond was opera-avond. Madame Butterfly in het ronduit prachtige, indrukwekkende en naar mijn smaak toch iets té romantische decor van het Kasteel Van Ooidonk (zo komt ne mens al eens in het onnoemelijke boerengat Bachte Maria Leerne).
Ik zag het op voorhand niet tot slechts matig zitten, we moeten daar eerlijk in zijn. Maar ik had al eens een invitatie van die sponsor afgewimpeld, dus ik voelde mij redelijk verplicht. En dat moet ik duidelijk meer doen, want deze opera was adembenemend mooi. Mijn zin in meer is geprikkeld (al hoeft het niet elke week te zijn).
Ik was op voorhand bang, omwille van de opera-clichés die in mijn achterhoofd leefden : mannen in maatpak, vrouwen in iets ondefinieerbaar gala-achtigs, mensen die gewoon wat tegen elkaar op zouden staan aria-en in een taal waar ik geen jota van zou snappen.
Het tegendeel was waar : ofschoon het een al bij al zwaar gegeven was, was deze opera enorm mooi : gezongen toneel met een grote massa aan figuranten en bijrollen die instonden voor de “decorwissels terwijl het stuk nog bezig was”, machtige muziek vanuit de goed gevulde orkestbak en – deze leek was hier heel blij mee, al is het blijkbaar “alledaags” bij opera’s – een lichtkrant waarop de gezongen stukken ondertiteld werden in ‘t Nederlands.
En op momenten zongen verschillende figuranten inderdaad ongelooflijk tegen elkaar op, maar dit was niet ergerlijk zoals verwacht, maar serieus indrukwekkend (moesten mijn haren niet pas geknipt zijn, ze waren rechtop gaan staan).
Prachtige cast, geniaal in beeld gebracht en een verhaal dat even tijdloos als aangrijpend bleek : vermoedelijk nog even herkenbaar als in de tijd dat het geschreven werd. Ik ben een fan geworden en stribbel voortaan niet meer tegen als men mij naar een opera-avondje meevraagt !
Zaterdagavond iets helemaal anders : den voetbal gaan aanschouwen, zijnde Club Brugge-Bergen… Vermoedelijk een “vrijetijdsactiviteit” die helemaal aan de andere kant van ‘t spectrum der uitgaansdingen ligt dan wat ik de avond tevoren had gedaan.
Dit werd een héél gezellig avondje uit (veel gelachen, lekker gegeten : de mama van bambi stond op het menu). Sportief was het echter een minkukel van jewelste, niets deed denken dat Club Brugge ooit een gevierd landstopper was. Dit was huilen met de pet op bij het aanschouwen van twee ploegen die niets waard waren. En blijkbaar dacht ik er niet alleen op die manier over, want – en dit was al bij al enorm schrijnend – toen de Brugge-spelers na de match een rondje liepen om de supporters te begroeten, werden ze van alle kanten met boe-geroep en hoongelach overladen. Pijnlijk, maar terecht, voor dit abominabele avondje uit hadden bepaalden van hun fans ongetwijfeld veel geld uitgegeven.
Maar het was wel grappig, om tijdens de match de vrolijke gezangen te horen overgaan in gefrustreerd gebrul en om de supporters op de tribune op ongecensureerde wijze hun commentaar op de match te horen geven… Misschien moet men bij Canvas overwegen om de commentator te ontslaan en de supporters zélf te laten lullen, dan zou ik namelijk gaan overwegen om ook naar de voetbalmatchen op zondagavond te gaan kijken!
De wedstrijd was tegen Bergen, maar tot mijn grote spijt liep de Grote Vriendelijke Burgemeester van Mons daar nergens rond. Jammer, want ik had net zo’n zin om te vragen of hij zijn partij ook niet beschouwt als een identieke, doch links, kopie van ons aller Vlaams Belang. En waarom zij dan wél mogen meeregeren en al. Jaja, ne voetbalmatch zet een mens al eens aan het denken.
Vanavond is ‘t zondagavond en ga ik weer mijn eigen asociale zelve zijn. Vlug ietske eten, in bad plonzen en dan ga ik languit voor het televisietoestel gaan riposteren. Voor een gloednieuwe TV-serie waar ik toch al een tijdje naar uitkeek en enorm veel van verwacht : Prison Break op Kanaal Twee. Ik ben altijd een ongelooflijke liefhebber van gevangenisfilms geweest, de Amerikaanse omroep Fox stond de afgelopen jaren in voor verscheidene zeer goede TV-feuilletons (zoals 24) en de trailer die ik afgelopen week in de bioscoop zag was meer dan veelbelovend.
En dat lijken mij toch drie goede redenen om er vanavond vol vertrouwen voor in de zetel neer te ploffen.
Ik ga kijken en chillen na de afgelopen 48 uur. En ik hoop van u hetzelfde.