Avontuurlijke ecocheques
Dominiek | zaterdag 31 juli 2010

Ze lagen al een paar maanden op mijn vensterbank te niksen, die ecocheques waarvan de werkgever door vakbonden gedwongen was aan zijn/haar werknemers (onder één of ander paritair comité) te geven. Ze waren toegekomen in twee schijven, een keertje 125 Euro aan ecocheques, een keertje 250 Euro. Ik had geen goesting om voor €375 aan spaarlampen of pakweg bamboe-tuinmeubelen te gaan spenderen (ik heb tuinmeubelen waarvan ik content ben, dank u). Ik ben niet tegen de natuur of zo, maar ik loop met heel weinig behoeften rond, ook weinig nood aan “nieuwe” ecologisch verantwoorde producten in mijn huishouden.

In die optiek vond ik die ecocheques trouwens een belachelijk, kortzichtig en uit de bocht gaand initiatief. Consu-minderen lijkt mij veel meer ecologisch verantwoord dan dat we met z’n allen verplicht worden om allerlei ecologische verantwoorde zaken in huis te halen, ook al hebben we die totaal niet nodig.

Maar ik heb ze vandaag alsnog allemaal kunnen uitgeven! Meer nog: aan producten waar ik sowieso nood aan had (of die toch gewenst waren), nl. om binnen een dikke maand mee op reis te gaan naar Colombia. Want ook A.S. Adventure bleek een winkelketen te zijn waar het alsnog mogelijk was om met dergelijke ecocheques te betalen!

Ik kreeg al een paar keer de vraag, ondertussen, of je bij A.S. Adventure “alles” kunt kopen met die cheques. Awel, neen: je kan er geen fashion kledij mee kopen (zoals in “avontuurlijk ogende, maar eigenlijk modieuze bloesjes en hemden” of luxueuzere T-shirts of merkkledij). Maar al de rest kan dus wel: outdoorschoenen en -kledij (zoals regenkledij en fleeces), reisaccessoires, rugzakken, slaapzakken, tenten en zo verder…

Mijn buit :

  • Een paar Gore-Tex bergschoenen (waterdicht en al, dus ‘t zweet gaat er schoon blijven in staan)
  • Een Eastpak schoudertas (eigenlijk een computertas die ik heb aangesteld als “zak voor de handbagage)
  • Een niet al te dure zonnebril (1. omdat je in Colombia niet met pakweg een Rayban moet lopen pronken op straat en 2. omdat ik dat toch steevast verlies)
  • Een klakke met UV-protectie
  • Een muskietennet (geen idee of ik dat nodig zal hebben, maar lijkt me toch aanrader)
  • Compressiezakken (om kleren in te steken en toch volume uit te sparen)
  • Een First Aid kit
  • Een pulle zonneprotectie, factor 50+
  • Een paar kilo Compeed (tegen de bleinen en al)
  • Twee paar deftige trekking kousen
  • En als afsluiter een pulle Deet (tegen de hardnekkige muggen op momenten dat ik het hoger genoemde net niet over mijn lijf getrokken heb)

Vergeet mijn vooroordelen, leve de ecocheque!
(En wie er nog liggen had, maar ook geen idee heeft/had wat er mee te doen: je weet nu dus waar naartoe!)

  • Share/Bookmark



Bruto Nationaal Geluk
Dominiek | zaterdag 24 juli 2010

Een paar maand geleden stelde Time Magazine het begrip Bruto Nationaal Product in vraag. Sinds begin dit jaar steeg het BNP van Amerika (net zoals het BNP in Europa weer aan het toenemen is, na de grote boze crisis), waardoor heel wat media euforisch gaan blokletteren of uitschreeuwen dat de crisis weer voorbij is en dat het weer goed gaat in onze landen.

De grote vraag is echter: wat betekent BNP vandaag de dag nog en betekent dat wel degelijk dat het goed gaat? BNP betekent niet dat de werkloosheid een minimum bereikt heeft, dat de volledige samenleving een gezonde levensstandaard aan boord kan leggen, dat iedereen gezond en gelukkig is. Nope, BNP is puur economisch en staat eigenlijk voor “de hoeveelheid goederen en diensten die binnen de landsgrenzen geproduceerd werd”. Dit zegt niets over welvaart binnen een land, wel over hoe goed de bedrijven het doen. En als die bedrijven daarbij hun werknemers uitmelken en die “gewone inwoners” geen beroep kunnen doen op de staat, dan zou dat BNP van land x wel eens omgekeerd evenredig kunnen zijn met het algemeen geluk in de straten van dat land.

Kwantiteit is dus belangrijker dan kwaliteit (toch zeker op korte termijn) bij de samenstelling van het BNP. En laat het nou net deze kwestie zijn die door velen aanzien wordt als een belangrijke oorzaak van de voorbije crisis: dat er te veel van “dezelfde gemiddelde producten” geproduceerd werd. De vraag die dus de laatste maanden nu en dan de kop opsteekt (zeker in tijden waarin duurzaamheid en welvaart steeds uitgesprokener op staatsagenda’s komen te staan) is of het begrip BNP niet verouderd begint te worden en voortkomt uit een tijdperk waarin industrie het belangrijkste was binnen een land, in plaats van de mensen zelve.

Een nieuwe indicator die daarbij aan belang heeft ingewonnen is de Happy Planet Index, een soort van Bruto Nationaal Geluk, een index die de levenskwaliteit binnen een land tracht weer te geven en waarvan velen hopen dat politici daar meer op gaan focussen, zowel voor hun eigen land als in hun buitenlands beleid (zie ook deze heel interessante paper terzake). Wat deze index voornamelijk uitdrukt is :

  • Levensverwachtingen : hoe lang leven de mensen gemiddeld in land x?
  • Levenskwaliteit : (op basis van een aantal indicatoren) hoeveel “fijne levensjaren” beleeft men dan in land x ? (Bv. als men gemiddeld 80 jaar wordt, maar de laatste 40 daarvan ligt men ziek te bed, dan kan dit bezwaarlijk een hoge levenskwaliteit genoemd worden)
  • De ecologische voetafdruk : hoe duurzaam leeft men? of nog: hoeveel generaties gaan er nadien nog probleemloos in land x kunnen leven, op basis van het consumptiepatroon van de huidige generaties

De resultaten van deze rangschikking? Die werden alvast mooi in een spreadsheet gegoten door de organisatie in kwestie. En ze verbazen mij echter niet : de top van deze hitlijst bestaat bijna integraal uit vrijwel alle Zuid-Amerikaanse landen, in schril contrast met het BNP dus. De mensen leven er weliswaar niet zo lang als in het rijke, bijzonder goed ontwikkelde Westen (dus op de eerste factor scoren ze lager), maar ze zijn in hun dagdagelijkse – armere – leven véél gelukkiger en véél samenlevender dan hier en bovendien is de harmonie met natuur en omgeving er nog steeds heel groot (wat ook vermoedelijk met hun geringere rijkdom te maken heeft: men heeft de middelen niet om alles te vervuilen, vol te bouwen of wat dan ook).
België prijkt op de 64ste plaats. Dat is nog nipt in de eerste helft, voornamelijk omwille van onze gigantische ecologische voetafdruk.

Colombia, waar ik over anderhalve maand dus heen trek, heeft een bijzonder kwalijke reputatie naar onze Westerse normen: het gaat er economisch slecht (als ik mij niet vergis: 50% werkloosheid, gemiddelde maandinkomens van rond de €300), mensen leven er op straat, drugshandelaars en verzetslegers bij de vleet… Dat moet daar toch wel een groot miserieland zijn?

Awel neen dus: het zesde gelukkigste land per wereld, begot! Kloppen de clichés over de “gelukkige Latijn-Amerikanen” dan écht? Awel ja, eigenlijk wel:

Survey data reveals two key features of Latin American culture. One is the presence of relatively unmaterialistic aspirations and values, compared to countries with similar economic conditions.122 Latin Americans report being much less concerned with material issues than, for example, they are with their friends and family. Secondly, social capital is particularly strong in the region. Civil society is very active, from religious groups to workers’ groups to environmental groups. The data on ‘formal’ social capital is reflected in anecdotal evidence of informal social capital in terms of strong family and community ties.

We have already seen, in Chapter 3, how these two factors – non-material aspirations and social relations – are crucial to well-being. In Latin America, they combine to create a society that is able to rise above economic hardships, whilst drawing great benefit from its social links. It is worth noting that, despite a poor economic record in terms of average income and an even poorer record in terms of inequality, Latin America still enjoys levels of health that are close to those of Central Europe and often superior to Eastern Europe. As well as reasonable state provision in many countries (e.g., in Colombia almost half of the country’s 44 million people enjoy free public health care), this is likely to be in part due to strong social networks forming a safety net for those who are less fortunate.

Meer dan ooit tevoren reis ik dit jaar dus om te leren. Niet om die Columbianen te bekijken als sukkelaars die het zoveel slechter hebben dan ons in hun dagdagelijkse zijn, maar wel als gelukzakken die er niet alleen in slagen zélf ganse dagen met een bijzonder brede glimlach en een buik vol levensvreugde rond te lopen (want ‘k heb het gevoel zelf ook dagdagelijks happy en zot genoeg rond te fladderen), maar die er ook in slagen om alles en iedereen rondom hen in die positieve spiraal mee te trekken. En dat zou ik soms wat vaker willen kunnen.

Of nog: hoe geavanceerd wij onszelf ook beschouwen als Facebookers en deelnemers aan allerlei andere sociale netwerken, een echte community gaat blijkbaar heel wat verder en het lijkt er vaak op dat wij daar bijzonder gehandicapt in zijn. In samenleven.

Opel gesloten? Kweeniehoeveel Carrefours dicht? De Euro die in waarde daalt? Een regering die er maar niet lijkt aan te komen? So what. Laat ons eerst eens een taske koffie gaan drinken met de overbuurvrouw. En vervolgens gaan voor wat meer Bruto Nationaal Geluk.

Ik wens het u alvast toe.

  • Share/Bookmark



Ontvoerd in Colombia
Dominiek | zondag 18 juli 2010

Ik ga mij niet in de jungle begeven, onze reisroute ligt vast langs een aantal mooie, grote en veilige steden. Maar toch: wie zich eventjes héél hard zorgen wil maken in mijn Colombia-reis van over een paar weken, kan vanavond beter kijken naar Panorama op Canvas. Daarin wordt vandaag de documentaire “My Kidnapper” getoond, over 8 toeristen die 101 dagen ontvoerd waren. In Colombia.

Om het geheel wat in perspectief te plaatsen, geef ik u graag ook meteen deze blogpost en statistiek mee, waaruit blijkt dat het aantal ontvoeringen de laatste jaren gestaag naar het nulpunt geëvolueerd is…

“Ja, ma, ‘k ga voorzichtig zijn…

  • Share/Bookmark



Tegenvallende ticketverkoop
Dominiek | donderdag 08 juli 2010

Morgenavond ga ik naar Prince kijken, in de festival-citadel van Arras. Tickets voor dit evenement kostten aanvankelijk rond de 90 Euro, maar aangezien de ticketverkoop serieus bleek tegen te vallen, halveerde deze prijs zich een paar maanden later. En voor-nog-geen-vijftig-euro zag ik het alvast wel zitten om de grootmeester nog eens te gaan aanschouwen.

Ook voor Prince’s show op Werchter lijkt de ticketverkoop danig tegen te vallen (of is het immense festivalterrein overschat): Het Laatste Nieuws schonk vandaag blijkbaar 6.000 gratis tickets weg en ook op de festivalweide van Werchter werden afgelopen weekend gratis tickets weggeschonken (als ik mij niet vergis: via de stand van De Morgen).

Hiermee wil ik geen uitspraak doen over Prince, want ik vond hem een paar jaar geleden alvast absoluut top op vlak van live-performance (al is hij de laatste jaren inderdaad misschien enigszins irrelevant geworden), maar wel over de muziekbusiness. Door heel het bovenstaande heb ik het gevoel dat één groep muziekliefhebbers keihard genaaid werd, namelijk de echte Princefans of andere concertliefhebbers die vanaf het begin een ticket kochten. Zij hebben namelijk véél centen neergeteld en moeten nu met lede ogen aanzien hoe “in mindere mate geïnteresseerden” dit niet langer hoeven te doen om hetzelfde concert onder dezelfde omstandigheden te gaan bijwonen.

Er waren massa’s eerlijkere en betere manieren om een dergelijke tegenvallende ticketverkoop op te lossen. Zet bij wijze van spreken nadars in het midden van het festivalterrein, zodat de kopers van de eerste (duurdere) tickets recht hebben op meer geprivilegeerde plaatsen, terwijl goedkopere tickets recht geven op de tweede helft van het terrein. Stuur de kopers van duurdere tickets het nieuwste album van Prince op of een lading eet-/drankbonnen voor het evenement. Maar doe ze vooral niet af als een stelletje idioten door dit gegeven te negeren.

Andere onderdelen van de muzieksector (namelijk die van platenmaatschappijen, CD’s en consoorten) hebben hun publiek jaren lang als ezels behandeld en zijn daar nu zelf de pineut van. Een lesje in goede PR en bijhorende nederigheid zou hier wel op z’n plaats zijn voor de LiveNations van deze planeet.

Maar in tussentijd ga ik uiteraard met mijn goedkope ticket vollen bak van Prince genieten, morgenavond. En ik doe mijn best om het zicht te belemmeren van mensen die te veel voor hun entrée betaalden. Want de muziekindustrie heeft het al moeilijk genoeg.

  • Share/Bookmark



Een mail naar e-boek.org
Dominiek | woensdag 23 juni 2010

Ik ga mij binnenkort een iPad in huis halen. En dus keek ik al rond naar het boekenaanbod om met die lezer te kunnen consumeren. Ik kwam terecht op e-boek.org, naar mijn weten de grootste site met Nederlandstalige elektronische boeken op het web, en ik schrok. Ik schrok omwille van de prijzen van de e-boeken op deze website: niet of nauwelijks goedkoper dan diezelfde boeken (maar dan wel op papier) in de klassieke boekenwinkel. Dit tart toch elke vorm van logica?

Dus kon ik het niet laten om de mensen van e-boek.org een mail te sturen :

Geachte,

Graag had ik geweten waarom elektronische boeken, zoals door jullie aangeboden, even veel kosten als de papieren versie van datzelfde boek.

Ik snap dit eerst en vooral niet vanuit het oogpunt van consument: om elektronische boeken bij jullie te kopen en te kunnen lezen, moet ik mij een dure e-Reader aanschaffen. Elektronisch lezen blijkt op die manier dus duurder dan op papier.

Ik snap dit ook niet vanuit jullie oogpunt: er zijn geen materiaalkosten, geen drukkosten, geen distributie, geen lokale boekhandelaars die een deeltje winst afromen, … Okee, er zijn ongetwijfeld wel serverkosten, maar die kunnen toch niet opwegen tegen al het bovenstaande? Vandaar: graag had ik geweten waarom de boeken op e-boek.org niet goedkoper zijn dan op vandaag.

Bedankt voor jullie respons,

Dominiek Leenknecht

Als die respons er komt, hou ik jullie op de hoogte.

Totaal in dezelfde context: ik voorspelde eerder dit jaar al dat de sector van het geschreven woord hetzelfde slachtoffer gaat worden van illegale downloadpraktijken als de muziek- en filmsector. Met de nu gehanteerde prijzenpolitiek zijn ze alvast vrijwel identiek bezig als deze twee geciteerde sectoren. En wie niet gelooft dat er nu al massa’s (zelfs Nederlandstalige) boeken, helemaal gratis ende illegaal, van het Tinternet te plukken zijn, die kan beter hier eens kijken.

  • Share/Bookmark



De charme van het handschrift
Dominiek | donderdag 17 juni 2010

De Post heeft het niet gemakkelijk. Allez ja, eigenlijk moet ik het vanaf vandaag bpost noemen, maar dat bekt zo ongemakkelijk. Maar met een nieuwe naam werk je natuurlijk geen slecht imago weg. Allez ja, niet dat ik ga beweren dat het bedrijf “De Post” een slechte reputatie heeft of zo, maar door de komst van de elektronische brievenbus, chatkanalen, 1001 nieuwe communicatiekanalen heeft, dat vind ik toch, mijn echte houten brievenbus aan charme ingeboet.

Als ik elke dag na het werk richting brievenbus stap, is het meestal met een ongerust hart. Welke rekening zullen er nu weer inzitten? Toch geen overlijdensbericht mag ik hopen? Of zal het weer vollen bak reclamefolders zijn die toch stante pede in de papierbak verdwijnen? Eén enkele keer is het een verrassend briefje dat er een pakje op mij ligt te wachten in het postkantoor (ook op dat vlak: ik heb den indruk dat er op vandaag veel meer pakjes rondgestuurd worden dan vroeger!), meestal betreft het gewoon iets dat ik besteld heb, soms ook een gadget of iets dergelijks van blogsponsors of regelrechte fans.

En dat terwijl ik in mijn tienerjaren zo graag de postbode zag langskomen. Ik had pennevrienden, maar ik stak ook uren de tijd in handgeschreven brieven naar vrienden en vriendinnen die ik op allerlei kampen had leren kennen. Ik vond het een onvoorstelbaar plezier om energie te steken in de 2 zijden van een A4-tje terwijl ik die onhandig met mijn linkerpoot volkrabbelde (ik schreef graag, ik schreef niét mooi). En dan was het afwachten. Telkens als eerste naar de brievenbus spurten om te kijken of de postbode iets mee had als antwoord. Ontgoocheld zijn als er niets mee was of als een antwoord bijzonder lang op zich liet wachten. Superblij zij als er meerdere brieven toekwamen die aan mijzelf geadresseerd waren en die meerdere keren blijven lezen!

Met mail en consoorten is communicatie ongetwijfeld veel sneller, adequater en goedkoper geworden, maar de romantiek is er ook totaal mee verloren gegaan. Een geschreven brief vergde meer tijd en inspanning, dus moest die écht wel goed zijn. Er werd nagedacht over zinswendingen en het resultaat werd nog een keertje totaal opnieuw gelezen alvorens de enveloppe werd dichtgekleefd, in de brievenbus gedropt en er vanaf dat moment geen weg terug meer was dan wachten… Soms zijn mails een beetje té makkelijk: een antwoord of startmail is bijzonder snel ingetokkeld, mail merges en copy-paste-functies zorgen ervoor dat onpersoonlijkheid troef is. Voor mij zijn mails zwarte letters op een witte achtergrond, terwijl brieven tastbare papiergeworden emotie zijn.

Lees verder »

  • Share/Bookmark



Met twee woorden spreken
Dominiek | vrijdag 11 juni 2010

Kijk, om onderstaand filmpje van Sandman moest ik bijzonder hard lachen. Jaja, den pollentiek zet mensen in beweging.

  • Share/Bookmark



Die keer dat ik een pint ging drinken
Dominiek | zondag 06 juni 2010

Vorige week publiceerde Open VLD in naam van Alexander De Croo een paginagrote open brief in De Standaard en De Morgen, gericht aan een signeerster van de website ikstemniet.be. Een heel slimme promotionele campagne van deze partij, al was ik zelf niet helemaal overtuigd van de inhoud die in deze open brief stond. Dus kon ik het niet laten om zelf een open brief terug te schrijven naar de heer Alexander De Croo, met mijn twijfels, hoop, wanhoop en onzekerheid m.b.t. de verkiezingen van volgende zondag, een open brief die ik op deze blog publiceerde.

Her en der, op de Twitters en de Facebooks van deze virtuele wereld, werd mijn open brief verder verspreid onder vrienden en vijanden en het kwam ook op de Blackberry van de heer De Croo zelf terecht. En hij reageerde. Hij reageerde meer bepaald op de voorlaatste paragraaf uit m’n brief :

Misschien, mijnheer De Croo, moeten wij eens een pint gaan drinken. Ik denk dat wij elkaar begrijpen. Ik heb zin om eens te luisteren naar u, u liet vandaag zien dat u ook graag constructieve dialogen wenst aan te gaan. Misschien vinden we wel samen een bijzonder creatieve en nooit eerder in de politiek geziene mogelijkheid om uit het huidige politieke decor te ontsnappen en België2.0 te definiëren. Of misschien kan u mij duidelijk maken dat ik een aantal kapitale denkfouten heb gemaakt of dat u en/of andere partijen wel een verschil kunnen maken met het bevroren verleden.

Dus spraken we vorige vrijdag af in De Vooruit in Gent, om samen een pint te drinken en eens wat gedachten uit te wisselen…

Lees verder »

  • Share/Bookmark



Bijna-hartstilstand van de dag
Dominiek | donderdag 03 juni 2010

Awel ja, ik stond deze namiddag in de file ter hoogte van knooppunt Zwijnaarde. Meer nog: ik stond aan te schuiven op die brug ter hoogte van Gentbrugge, die brug waar je geflitst wordt als je meer dan 90 kilometer per uur rijdt. Ik ben vrij zeker dat ik er vandaag niet geflitst werd, want ik heb er voornamelijk stilgestaan, afgewisseld met nu en dan eens 10 meter te mogen rijden.

En terwijl ik er stilstond, heb ik me voor het eerst in lange tijd eens schijt-ongerust gevoeld. Ik stond stil en mijn auto daverde. Ik heb het niet over de één of andere nauwelijks opmerkbare trilling, maar effectief over een davering waardoor de net aangekochte cola spontaan op gezellige wijze ging klutsen in het flesje. Reden was niét mijn motor die een of andere vreemde kuur onderging (want die stond op momenten af), maar wel dat die brug van Gentbrugge zelf onvoorstelbaar aan ‘t daveren was, het beefde onder de wagens die in tegengestelde richting voorbijraasden. Ik voelde mij superongemakkelijk onder die omstandigheden, vreesde dat de brug elk moment een trillinkje naar beneden ging maken.

Allez ja, ik wil jullie niet ongerust maken, maar volgens mij is ‘t daar niet helemaal pluis. Gentbruggenaars, zoekt ulder een nieuwe woonplaats, voor het te laat is!

  • Share/Bookmark



Hallo Alexander De Croo van OpenVLD,
Dominiek | zaterdag 29 mei 2010

Ik was verrast toen ik deze morgen uw open brief aan nummer 610 op ikstemniet.be las in De Standaard, blij verrast zelfs. Het siert u dat u de communicatie niet uit de weg gaat, dat u een kleine 6500 ondertekenaars niet bagatelliseert of als te negeren bende dommeriken bestempelt, dat u wilt vechten voor het vertrouwen in de politiek, ook al is dat in de huidige omstandigheden niet voor de hand liggend. Ik vernam van Ann Flecyn dat u morgen ook op de koffie gaat bij haar en dat voor u het gesprek veel verder gaat dan een promotionele open brief in een aantal kranten. In die optiek verschillen u en uw partij alvast ten zeerste van heel wat andere spelers uit de politieke arena, ik hoorde nog uit geen enkele andere hoek een echo komen als u vandaag paginabreed liet horen.

Ik denk echter, en nu spreek ik zelf in eigen naam en niet in die van andere ondertekenaars op de geciteerde website, dat we elkaar niet helemaal begrijpen. Ik ben het met u eens dat er op een aantal lijsten een aantal zeer geëngageerde mensen prijken die zin hebben om het verschil te maken, ik juich dan ook de vernieuwing toe die zich op dergelijke lijsten aandient. Mijn actie is dan ook niet gericht tegen die partijen, tegen de politici met goede ideeën en daadkracht, tegen de mensen zoals u, mijnheer De Croo, die bereid zijn te luisteren, tot dialoog te treden en oplossingen uit te werken.

Weet u, eigenlijk zou ik echt wel heel graag gaan stemmen. Er zijn zelfs twee partijen die ik ten zeerste mijn stem gun en die ik heel graag zou zien regeren, het beleid in dit land zou zien bepalen, die op economisch, sociaal, inhoudelijk en andere vlakken ideeën verkondigen waarin ik mijzelf zeer goed kan terugvinden. En dat is redelijk nieuw voor mij, tot voor enkele jaren slaagde daar telkens maar 1 partij in. Ik ben mijn hoop en vertrouwen in politici en politieke partijen geenszins kwijt, ik kijk zelfs enorm op naar politici die er in slagen positieve vibes de wereld in te sturen.

Maar ik ben ook nuchter, bekijk ook graag het volledige plaatje en net daardoor ben ik zo gedesillusioneerd. Hoe ik ook zou stemmen, hoe België ook stemt, ik heb het gevoel dat het “politieke kader” in ons land alle geëtaleerde ambitie, voorstellen, ideeën weer onmogelijk gaat maken. Er is geen sprake meer van “politieke families” in ons land, uw Waalse zusterpartij MR lijkt mij in het ergste geval nog een stiefzusje te zijn, want de raakvlakken nemen jaarlijks af. En dat geldt ook voor de andere families in ons politieke Belgenland. Om nog maar te zwijgen van partijen die slechts in één van de twee landsdelen voorkomen. Maar toch zal er in een regeringsvorming met dergelijke kunstmatige familievorming rekening gehouden worden, net zoals er rekening gehouden zal worden met “de winnaar uit het noorden” en “de winnaar uit het zuiden”. En met het feit dat er weer constructies uit de grond gestampt moeten worden om met een  meerderheid uit elk landsgedeelte uit te pakken. Hoeveel partijen gaan er op die manier nodig zijn om een regering te vormen? 6? 7? 8 misschien? Het Belgische compromismodel zal met zo een regering weer danig op de proef gesteld worden, zodat er enkel oplossingen uit de bus komen die flets zijn en waar niemand 100% mee tevreden is.

Stel nu eens, heel theoretisch, dat elke Vlaming op Open VLD zou stemmen. Dit zou betekenen dat uw partij in haar eentje dit land kan besturen. Elders zou dat dit betekenen, maar in België niet hoor: er moeten ook franstaligen in de regering zitten, de logica van ons landje. Dat is zoals men pakweg in Nederland zou zeggen: hoe er ook gestemd wordt, er moeten altijd even veel linkse als rechtse partijen in de regering zitten. Is dit niet net iets bijzonder ondemocratisch?

Net die structuur heeft er voor gezorgd dat discussies in onze regeringen niet enkel tussen politieke strekkingen gevoerd wordt, maar ook tussen culturele taalgroepen, zelfs tussen taalgroepen binnen één en dezelfde politieke strekking. Alsof het nog niet genoeg rommelt binnen bepaalde afgelijnde partijen tout court.

En net die structuur zorgt ervoor dat ons land de afgelopen jaren nauwelijks bestuurd werd (het feit dat alles op vandaag nog mooi loopt, hebben we volgens mij te danken aan de goede gewestregeringen), dat discussies gevoerd worden over stemgebieden, over politieke structuren en kabinetten, over ons land als organisatie. De politiek lijkt keihard bezig geweest te zijn met het verleden en heden in vraag te stellen en niet met het voorbereiden van de toekomst. En elke keer opnieuw werden mooie politieke ambities en ideeën opgeslokt door een kuil vol wolven die hun eigenbelang voorop bleven plaatsen en koppig neen bleven zeggen of geen strobreed wilden toegeven.
Terwijl de wereld evolueert, internet ondertussen Web2.0 geworden is en bedrijven steeds meer Enterprise2.0 worden (allez ja, dat hoop ik toch), wordt er nog steeds aan politiek gedaan zoals 50 jaar geleden. En daar moeten we ons misschien een aantal vragen over stellen. Wordt het niet langzaam tijd voor Politiek2.0? Betekent dit dan ook niet in de eerste plaats dat het kader en de manier van werken geanalyseerd en eens helemaal geherdefinieerd moet worden? En vooral: zou dit nieuwe kader niet beter geconstrueerd worden door o.a. niet-betrokken partijen? Politici die kibbelen over stemgebieden, dat is zoals scheidende ouders die kibbelen over de kinderen… ook daar is soms een rechter voor nodig die op zoek gaat naar de beste oplossing voor die kinderen zelf. Of beter nog: twee ouders die kibbelen over het alimentatiegeld en zich geenszins om die kinderen bekommeren…

Weet je, mijnheer De Croo, ik denk dat wij iets gemeen hebben. Een paar weken geleden stapten uw partij en u misnoegd uit bepaalde politieke onderhandelingen, omdat het “onder die omstandigheden” toch geen zoden aan de dijk zou brengen. Wel nu, ik ben hetzelfde idee toebedeeld. Ik heb in mijn hart enorm veel zin om te gaan stemmen, maar mijn hersenen zeggen dat dit in de huidige staatsstructuur België enkel de kaarten zou herschikken, maar geen oplossingen met zich mee zou brengen. Ik ben op geen enkele politicus of politieke partij boos, ik voel me gewoon wanhopig en machteloos dat het zo ver is gekomen dat een daadwerkelijke oplossing uit den boze lijkt.

Misschien, mijnheer De Croo, moeten wij eens een pint gaan drinken. Ik denk dat wij elkaar begrijpen. Ik heb zin om eens te luisteren naar u, u liet vandaag zien dat u ook graag constructieve dialogen wenst aan te gaan. Misschien vinden we wel samen een bijzonder creatieve en nooit eerder in de politiek geziene mogelijkheid om uit het huidige politieke decor te ontsnappen en België2.0 te definiëren. Of misschien kan u mij duidelijk maken dat ik een aantal kapitale denkfouten heb gemaakt of dat u en/of andere partijen wel een verschil kunnen maken met het bevroren verleden.

Misschien volg ik dan op 13 juni gewoon mijn hart en ga ik stemmen.
Geen idee voor welke partij, maar alleszins wel voor een constructieve toekomst.

  • Share/Bookmark